Spring naar inhoud

“Kop der veur: ik wil weer kunnen lopen”

‘Het gebeurde in de keuken. Na een lange dag werken op onze boerderij in Dalerpeel, stond ik laat in de avond aan het aanrecht om iets te drinken. Zo ineens ging ik onderuit. Ik kon ineens niks meer. De diagnose? Een hersenbloeding.’ Het overkwam Gerard Boetting (71 jaar) in 2020 en het veranderde zijn leven

Ineens kon ik niks meer

‘Ik lag op de vloer en kon de linkerkant van mijn lichaam niet meer bewegen. Ook praten lukte niet. Om mijn vrouw wakker te maken, sloeg ik met mijn rechterhand tegen het aanrechtkastje. De hond blafte net zo lang totdat mijn vrouw wakker werd. Met spoed ging ik naar het ziekenhuis in Zwolle. Daar werd duidelijk dat ik een hersenbloeding had. De arts voorspelde dat mijn spraak binnen een aantal dagen weer terug zou zijn. Maar hij wist niet of ik mijn linkerarm en linkerbeen ooit weer zou kunnen gebruiken.’

Ik geef niet op

In een rolstoel verliet ik het ziekenhuis. Dat was flink wennen. Want ineens was ik, de altijd sterke kerel die nooit ziek was, voor hulp afhankelijk van anderen. Maar het is niet anders’, zegt Gerard nuchter. ‘In expertisecentrum De Horst van Treant in Emmen leerde ik mezelf te verplaatsten met mijn rolstoel, met slechts één hand en één been.Ik heb één doel: weer kunnen lopen. Al is het een beetje strompelend met een rollator of een wandelstok. Ik ga ervoor en ik geef niet op: “deur doen, Gerard”, zeg ik tegen mezelf. Ik merk dat mijn linkerbeen steeds sterker wordt.’ 

Dicht(er) bij thuis wonen

Na een halfjaar revalideren, verhuist Gerard naar De Schutse van Treant in Coevorden.‘Dat is dichter bij thuis. Mijn vrouw woont nog op onze boerderij. Ze komt minstens vier keer per week langs. Dat zijn hele fijne momenten. Gescheiden leven vind ik heel erg. Maar het is wel het beste voor iedereen. Want ik heb veel hulp nodig bij het aan- en uitkleden, naar het toilet gaan en douchen.

Geniet van de wind door mijn haar

Ik word blij van buiten zijn en van de wind door mijn haar. Daarom fiets ik graag op de duofiets samen met welzijnsmedewerker Rieke Drent. Het liefst maak ik zelf de fietsbeweging met mijn linkerbeen. Maar dat lukt helaas niet meer. De meetrapfunctie staat dan ook uit. Het belangrijkste is dat ik geniet van het fietsen. Of ik nu meetrap of niet. Onderweg praten we over van alles en geniet ik van de frisse lucht, het uitzicht en een kop koffie of een borreltje op een terras. Riekie en ik kunnen het goed vinden samen. Maar dat geldt voor alle zorgmedewerkers van De Schutse.’

Meneer en mevrouw fietsten samen op een duofiets door een park.

Ik doe alles het liefst zelf

Alles wat ik wel zelf kan, probeer of doe ik zelf. Zo ga ik elke donderdag naar houtbewerking en timmer ik met één hand vogelhuisjes of een vogelkooi. Ook biljarten doe ik nog steeds. Ik leg mijn linkerhand op de tafel en leg de keu er tegenaan. Dan stoot ik met rechts. “Het giet. Niet zo geweldig, maar het giet.” Met een handig hulpmiddel, een snijplank met noppen, smeer ik in de ochtend bijvoorbeeld zelf een broodje. Ik doe mee met activiteiten in De Schutse, zoals bloemschikken en schilderen en sinds kort zit ik ook in de cliëntenraad.’

En, heel belangrijk: Gerard doet alles met een lach. ‘Want waarom chagrijnig zijn? Daar heeft een ander alleen maar last van en ik zelf ook. Het is wat het is en ik maak er het beste van.’ 

Een man op een driewieler geniet van een ritje buiten.
Terug naar boven